Gevoel vs. verstand – exit of niet #elkedageenuur #4

Een paar uur na het schrijven van mijn vorige blogpost over #elkedageenuur wist ik het al: deze challenge is niet haalbaar! Ineens realiseerde ik me dat als ik maximaal 36 keer mocht skippen en ik er daar al zeven van gebruikt dat ik er dan nog maar 29 over heb voor de komende 275 dagen. Dan mag ik zo’n elke negen dagen een keertje missen. Dat klinkt als onbegonnen werk, zelfs in mijn oren. Toch?

Eigenlijk moet ik nu dus blijven doorgaan tot het lichaam weer op is en ik wederom rust moet nemen. Wat dus eigenlijk NU is. En toch is daar continu dat zeurende stemmetje: ‘Je mag niet opgeven! Je hebt dit nodig.’

Faalangst en het gebrek aan talent

De wil om dit hoe dan ook te voltooien komt waarschijnlijk voort uit mijn jeugd, adolescentietijd en mijn jong volwassene periode. Ik heb altijd de wil gehad ergens in uit te blinken, want

het was me al vrij snel duidelijk dat als je ergens goed in was je werd geprezen,
dat men trots op je was.

Het probleem was echter dat ik nergens echt een talent voor had, er was helemaal niets waar ik in uitblonk, hoewel ik vroeger vast heel wat harten deed smelten met mijn prachtige donkere ogen en dus veel gedaan kreeg. Geen talent dus en alles wat ik ooit probeerde mislukte jammerlijk, ik stopte nog voordat ik er goed in kon worden. Toen ik veelvuldig gepest werd op school droomde ik er van om beroemd te worden, ik droomde van een carrière als actrice, of als auteur – misschien kon ik wel met geld verdienen met schrijven. Dat dromen deed ik stiekem natuurlijk, niemand mocht het weten. En als me gevraagd werd wat ik wilde worden dan zei ik: ‘Dierenartsassistent’. En dat wilde ik ook echt wel, als beste tweede plek, want waarom zou zo’n simpel meisje als ik ooit iets bereiken. Je wordt immers nooit een kwartje als je voor een dubbeltje geboren werd. Nee, dat werd ‘m niet.

Toch deed ik twee dappere pogingen om verhalenwedstrijden te winnen, maar het gebrek aan enthousiasme in mijn omgeving en het daarop verliezen van de wedstrijd maakte dat ik mijn droom opgaf en faalangst deed zijn intrede. Vele jaren later heb ik een poging gedaan om te leren acteren, maar dat werd niets en wederom speelde faalangst de grootste rol. Ook dit gaf ik op voordat het goed en wel begonnen was.

Schoolreünie

Toch was dit falen nooit echt een probleem voor mij, ik probeerde het en het mislukte, simpel. Ik dacht dat het niet erg was om iets niet af te maken, om ergens mee te stoppen. Natuurlijk vond ik het vervelend dat ik twee opleidingen moest stoppen, ik schaamde me rot, maar het was niet anders. Mijn ziekte gooide roet in het eten en ik zocht andere manieren om een middelvinger uit te steken naar mijn ziekte. En toen was daar mijn eerste (en waarschijnlijk laatste) schoolreünie, het moet begin 2004 zijn geweest. Vol goede moed ging ik terug naar de omgeving waar ik opgroeide, naar de ‘boeren’ met wie ik een aantal jaren had doorgebracht. Ik had zin om ze weer te zien en hun verhalen te horen. Ik was benieuwd of zij hun idealen hadden kunnen nastreven, of ze de landbouwer waren geworden die ze wilden worden, de manegehouder, de hovenier.

Op dat moment was ik al ziek en had ik de meeste van mijn toekomstdromen al lang overboord moeten gooien.

Ik droomde veel en ik droomde groot,
maar meer dan dromen waren het niet en meer zou het ook nooit worden.

Het Hbo, dat wilde ik. Graag. Heel graag! Misschien wel journalist worden. Ik schreef inmiddels al mijn eerste boek en ik wilde meer. Het is achteraf maar de vraag of ik het hbo wilde om op die manier verder te komen omdat ík dat wilde of omdat ik voelde dat ik pas meetelde wanneer ik dat papiertje zou hebben. Maar goed, die reünie was een totale deceptie. Ik werd door iedereen gevraagd of ik mijn dromen had behaald. Sommigen waren, achteraf gezien, beschamend groot en onmogelijk. Alsof ik ooit echt zo goed gitaar kon spelen dat ik naar het conservatorium kon gaan. Maar ook van de meeste kleine dromen is nooit iets van terecht gekomen. De enige droom die uitkwam was een diploma halen. En daar werd ik om uitgelachen. Een apothekersassistent? Wat is dat nou weer voor een beroep. Nee, dat was niet goed genoeg!

Motiveren, inspireren

Wat heeft dit nu te maken met #elkedageenuur? Ik begon op kerstavond met deze challenge omdat ik een doel wilde hebben voor het allergrootste deel van dit jaar. Nu de kinderen op school zitten en we eindelijk een beetje een ritme hebben gevonden vond ik dat ik iets nodig had om me op de focussen, het afvallen ging niet en

hoe moeilijk kan het zijn om elke dag een uur te fietsen?!

Daarbij wilde ik iets doen waardoor ik een denkbeeldige middelvinger kon uitsteken naar mijn ziekte. Maar al steek ik die middelvinger nog zo vaak uit, de ziekte gaat er niet mee weg. Sterker nog, inmiddels vraag ik me af of ik me nu niet slechter voel doordat ik dit doe. Anderzijds is het zo dat als ik dit niet zou doen ik veel minder zou bewegen. En dát is ook niet goed. Het heeft dus zijn voors en tegens. En de kunst is uit te vogelen wat het beste werkt.

Nog een reden om deze challenge te doen is om mensen te motiveren en te inspireren. Dat klinkt misschien als grootheidswaan, maar ik merk op Instagram dat mensen door mijn berichten ook gaan sporten. Niet elke dag, maar het zet aan tot beweging. Tegelijkertijd heb ik ook gemerkt dat mensen totaal niet door hebben dat ik elke dag een uur beweeg. Dus, het inspireert, maar niemand heeft echt door dat ik het doe. Daarmee valt bijzondere zijn al weg.

Keuzes maken

KIJK! Daar komen we op het punt dat essentieel is.

Willen we allemaal niet graag op de een of andere manier bijzonder zijn?

Ik wel! Althans, dat denk ik, want waarschijnlijk is dit alleen maar het stemmetje uit mijn jeugd dat dit wil. De kleine Angela in mij heeft moeite met opgeven, hoe noodzakelijk ook. De volwassen Angela in mij moet keuzes gaan maken en opgeven dat ze niet #elkedageenuur dag 365 op Strava zal zien. Let op, daar is het stemmetje weer! Hoor jij hem ook? Het roept ook nog eens naar me dat ik faal als ik stop. Dat is geen enkele reden meer heb op te schrijven als ik dit niet meer doe, dat ik geen identiteit meer heb. Belachelijk natuurlijk, maar toch vervelend.

Ik zal in een volgende blogpost vertellen waarom ik deze challenge eigenlijk zou moeten opgeven, er zijn immer meer dan genoeg redenen. En geloof me als ik je zeg dat ik er gisterochtend ook absoluut zeker van was dát ik zou opgeven, maar door een goede dag ben ik toch gaan twijfelen. Ook nu, terwijl ik dit schrijf probeer ik voor mezelf te verantwoorden om door te gaan. Ik kan iedereen om me heen om raad vragen, maar uiteindelijk moet ik zelf deze keuze maken. Ik vind het moeilijk en als ik besluit te stoppen doe ik dat met heel veel pijn in mijn hart. Maar bij wie doet het dan pijn? Mijn kleine ik, of mijn volwassen ik?

Ik heb in ieder geval wél een groot talent voor twijfelen!

Bron foto: Flickr – Will Hastings

Related posts

Leave a Comment